Bijwoorden van wijze

Bijwoorden van wijze vertellen ons hoe iets gebeurt. Gewoonlijk worden ze of na het hoofdwerkwoord geplaatst, of na het onderwerp.

Voorbeelden
  • He swims well.
  • He ran quickly.
  • She spoke softly.
  • James coughed loudly to attract her attention.
  • He plays the flute beautifully. (after the direct object)
  • He ate the chocolate cake greedily. (after the direct object)

Een bijwoord van wijze kan niet tussen een werkwoord en het bijhorende lijdend voorwerp geplaatst worden. Het bijwoord moet of voor het werkwoord, of aan het eind van de bijzin geplaatst worden.

Voorbeelden
  • He ate greedily the chocolate cake. [incorrect]
  • He ate the chocolate cake greedily. [correct]
  • He greedily ate the chocolate cake. [correct]
  • He gave us generously the money. [incorrect]
  • He gave us the money generously. [correct]
  • He generously gave us the money. [correct]

Als er een voorzetstel staat voor het lijdend voorwerp van het werkwoord, plaatst je het bijwoord van wijze of voor het voorzetsel of na het voorwerp.

Voorbeelden
  • The child ran happily towards his mother.
  • The child ran towards his mother happily.

Bijwoorden van wijze moeten altijd direct na werkwoorden zonder lijdend voorwerp staan (onvergankelijke werkwoorden).

Voorbeelden
  • The town grew quickly after 1997.
  • He waited patiently for his mother to arrive.

Deze veel voorkomende bijwoorden van wijze worden bijna altijd direct achter het werkwoord geplaatst: well, badly, hard, fast

Voorbeelden
  • He swam well despite being tired.
  • The rain fell hard during the storm.

De plaats van het bijwoord is belangrijk als er meer dan een werkwoord in een zin staat. Als het bijwoord voor of na het hoofdwerkwoord geplaatst wordt, wordt alleen dat werkwoord veranderd. Als het bijwoord a een bijzin staan, verandert het de hele handeling die in de bijzin wordt beschreven. Let op het verschil in betekenis in de volgende zinnen.

Voorbeeld Betekenis
She quickly agreed to re-type the letter. het akkoord gaan is snel
She agreed quickly to re-type the letter. het akkoord gaan is snel
She agreed to re-type the letter quickly. het opnieuw typen is snel
He quietly asked me to leave the house. het verzoek is rustig
He asked me quietly to leave the house. het verzoek is rustig
He asked me to leave the house quietly. het vertrekken is rustig
Letterlijk gebruik

Soms wordt een bijwoord van wijze voor een werkwoord + lijdend voorwerp geplaatst om nadruk toe te voegen.

Voorbeelden
  • He gently woke the sleeping woman.
  • She angrily slammed the door.

Sommige schrijvers zetten een bijwoord wijze aan de begin van een zin om onze aandacht te wekken en ons nieuwsgierig te maken.

Voorbeelden
  • Slowly she picked up the knife.
  • Roughly he grabbed her arm.